Vereniging van universiteiten Lange Houtstraat 2 | Postbus 13739 | 2501 ES DEN HAAG | T: 070-3021400
PERSBERICHT
Den Haag, 9 december 2011 - 29% van de opleidingen in het wetenschappelijk onderwijs biedt studenten in het eerste jaar minder dan tien contacturen per week aan. Dit is een uitkomst van het onderzoek van de Inspectie van het Onderwijs naar onderwijstijd dat vandaag in de Tweede Kamer is gepresenteerd. Dit resultaat komt voor de veertien universiteiten niet als een verrassing. In het Hoofdlijnenakkoord hebben zij afspraken gemaakt met Staatssecretaris Zijlstra over intensivering van het onderwijs. Studenten moeten méér tijd besteden aan hun studie. Een uitbreiding van het aantal contacturen in het eerste bachelorjaar maar óók een grotere studie-inzet door studenten moeten op termijn leiden tot meer studiesucces. Alleen het opvoeren van studie-uren is niet afdoende.
Meer ambitieuze studiecultuur
Uit het onderzoek van de Inspectie van het Onderwijs blijkt dat het aantal universitaire opleidingen dat minder dan tien klokuren in het eerste studiejaar aanbiedt is afgenomen van 36 % in 2007 naar 29 % in 2010. Daarbij heeft de inspectie alleen gekeken naar klassieke contacttijd in de vorm van bijvoorbeeld hoor-of werkcolleges. Vrijwel alle geprogrammeerde contacttijd is ook gerealiseerd. Hoewel de situatie verbeterd is, zijn de universiteiten nog niet tevreden over dit resultaat. “Om het studiesucces te verbeteren, het rendement te verhogen en de uitval te verminderen, is een meer ambitieuze studiecultuur noodzakelijk, aldus Sijbolt Noorda, bestuursvoorzitter van de vereniging van universiteiten (VSNU).
Houding van student belangrijke succesfactor
Studie-inzet is een directe voorspeller van studiesucces(1) . Hoe meer studenten zich inzetten voor hun studie, des te meer studiepunten zij behalen. Zeker in het eerste bachelorjaar is voldoende contacttijd daarvoor van belang. Daarom is met Staatssecretaris Zijlstra afgesproken dat in 2015 het aantal contacturen – of een equivalent daarvan - in het eerste jaar over de volle linie minimaal 12 uur per week zal bedragen(2). “Dat vormt een belangrijke stimulans voor studenten om meer tijd aan hun opleiding te besteden”, aldus Noorda. Ook de Tweede Kamer heeft deze wens geuit.
Die contacturen moeten vooral gericht zijn op het uitlokken van zinvolle zelfstudie. Uit het nog altijd veel geraadpleegde onderzoek van Van der Drift en Vos (1987) blijkt dat het aantal uren dat de student zelf achter de boeken zit inderdaad toeneemt naarmate de contacttijd toeneemt. Afhankelijk van de opleiding is er een optimum bij ongeveer 12 uur per week. Boven de 12 uur contacttijd per week dreigt het gevaar dat studenten juist minder tijd besteden aan zelfstudie in plaats van meer.
Uitbreiding contacturen nodig, maar niet afdoende
De universiteiten gaan het aantal contacturen uitbreiden. Uitbreiding van het aantal contacturen is een middel om het onderwijs te intensiveren. Meer hoorcolleges en werkgroepen aanbieden is echter niet de enige manier om de effectieve studietijd van studenten te verhogen. Er zijn vele andere mogelijkheden om studenten intensiever te laten studeren: bindend studieadvies (BSA), verschillende toetsvormen, studiebegeleiding, tutoring, et cetera. Ook begeleide zelfstudie, individuele begeleiding (al of niet met gebruik van ICT) of projectactiviteiten kunnen daaraan bijdragen. Bovendien moet het aantal contacturen aansluiten bij het onderwijsconcept, het opleidingsdoel, de fase van de studie en de studentenpopulatie. Daarnaast zijn de groepsgrootte en de invulling van de contacttijd bepalend voor het studiesucces. Daarom hebben de universiteiten met de staatssecretaris afgesproken dat zij ook op andere wijze een equivalente intensivering van het onderwijs kunnen realiseren, mits die aantoonbaar leidt tot een vergelijkbare intensivering van het onderwijs.
(1) Studiesucces in de bachelor. Drie onderzoeken naar factoren die studiesucces in de bachelor verklaren. Beleidsgerichte studies Hoger onderwijs en Wetenschappelijk onderzoek 138. Ministerie van Onderwijs Cultuur en Wetenschapp, juli 2011.
(2) De indicator contactuur is niet voor alle onderwijsconcepten een passende maat voor het bepalen van de onderwijsintensiteit. Als universiteiten op grond van hun onderwijsconcept kiezen voor andere maatregelen om de onderwijsintensiteit te verbeteren, dienen zij aan te tonen dat het effect tenminste vergelijkbaar is met 12 contacturen per week.
EINDE PERSBERICHT
Voor meer informatie kunt u contact opnemen Meike Verhagen: 06-43 26 97 55